Tribuneklappen

Deze week speelt AZ in het Constant Vanden Stockstadion tegen Anderlecht. Het wordt de 5e keer dat ik in het buitenland naar een wedstrijd ga kijken. Van de voetbalhoogtepunten van die wedstrijden weet ik weinig meer. Het zijn vooral de stadions die ik me herinner. Het is een klein rijtje met grote namen: Emirates (Londen), Nou Camp (Barcelona), Maracana (Rio) en White Hart Lane (Londen).

Het White Hart Lane stadion was het eerste stadion dat ik van binnen zag. Ik keek er op mijn 12e samen met mijn vader naar Tottenham Hotspur tegen Norwich City. Op het programmaboekje, dat ik heb bewaard, staat 18 april 1981. Rafael van der Vaart was nog niet geboren en AZ denderde af op de eerste landstitel sinds de oprichting in 1967.

Van de Alkmaarder Hout kende ik de geur van rookworst en mannenpies. Op White Hart Lane maakte ik kennis met een nieuwe geursensatie: die van de gebakken ui. Er hoorde een hamburger en een kadetje bij en ze werden verkocht vanaf verrijdbare karretjes die her en der geparkeerd stonden. Een van de uiringen viel op mijn net aangeschafte Tottenhamshawl. Niet op de witte of de gele baan maar op de donkerblauwe. De vetvlek zag je alleen van heel dichtbij.

Mijn vader en ik namen plaats op de lange overdekte zittribune van White Hart Lane. Tussen andere vaders en zoons maar ook tussen moeders en dochters. Voetbal was een familiesport zag ik van dichtbij. We zaten op lange houten banken rustend op gemetselde muurtjes. Ver in de 1e helft deden de bankjes me denken aan de kerk waar ik één of twee keer per jaar kwam. De oude kerk van mijn vader, de kerk die ik met mijn neefjes en nichtjes bezocht als hij met mijn moeder lag uit te slapen in de logeerkamer van mijn oom en tante.

Glenn Hoddle op programmaboekje (andere wedstrijd)De Engelse families met de witte shawls klapten vaak en hard. Er werd geklapt voor de slungelige Steve Archibald die een kopduel won, voor de kleine Ossie Ardiles die een verdediger voorbij dribbelde en voor de bebaarde Ricky Villa die met een sliding de bal veroverde. Ik klapte het hardst voor Glenn Hoddle, de linksbenige regisseur van Tottenham.

In welke stand de wedstrijd eindigde, herinner ik me niet meer. Wat ik nog wel weet is dat ik verliefd was geworden op het witte shirt van Tottenham. Het shirt moest en zou er komen. En het kwam. Een paar maanden later in Nederland. Als ik me niet vergis kocht ik het bij sportshop Johan Janssen in Heiloo. Het witte textiel schitterde als vers gevallen sneeuw en rook naar het interieur van een nieuwe auto.

Ere-tribune kaartje voor Feijenoord - Tottenham Hotspur Ruim 2 jaar later zitten mijn vader en ik op de hoogste zittribune van stadion De Kuip. Tottenham speelt een Europacupduel tegen Feijenoord. Ik voel de naden van mijn te kleine witte Tottenhamshirt onder mijn winterjas. In het vak beneden ons zie ik volwassen mannen met elkaar vechten. De applaudisserende moeders, zonen en dochters van White Heart Lane zijn ver weg. Voetbal is oorlog, Rinus Michels had gelijk.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *